• Effe bijkletsen met Wout Kock

    15 jun 2020 Beheerder
  • Hoe gaan we ons bijkletspraatje in met Wout of Woutje? We houden het voor deze gelegenheid bij Wout. Waarom bijkletsen met Wout? Wout is een supporter van Gilze1 door dik en dun. En dat al vele, vele jaren. Als het maar enigszins kan is hij van de partij. Een onderzoek naar 'de super supporter' van Gilze, zou uitwijzen dat Wout met stip op één komt. Dus waarom hem niet eens bellen of hij mee wil werken aan ons bijkletspraatje. Met Wout aan de telefoon. “Zoals je weet is het honderdjarig bestaan van v.v. Gilze aanstaande. Je hebt heel veel van die jaren meegemaakt. Dus dat is o.a de reden waarom we jou vragen voor ons bijkletspraatje. Je bent een supporter met ongekende liefde voor de club.” Waarop Wout reageerde. “Krijg ik daar dan een lintje voor, of moet ik daar zelf de burgemeester voor bellen? Dat is maar gekheid. Je komt vanavond (donderdag 30 april) maar langs dan buurten we verder.”

    En zo gebeurde het dat de vliegende reporter nog diezelfde dag, 's avonds met Wout aan de koffie zat. Op de gewenste Corona-afstand is het woord aan Wout. “Om maar eens met mijn leeftijd te beginnen. Al zou je dat niet zeggen ik ben op weg naar de 89. Op 7 augustus is het zover. Ik woonde tot voor kort nog samen met mijn vrouw Wil in de Pastoor Conincxstraat op nummer 19. Helaas werd het thuis wonen voor haar steeds moeilijker. Uiteindelijk moest ze gaan wonen in de beschermde afdeling 'De Zonnebloem' van Huize St. Franciscus. Dat is heel ingrijpend. We zijn al meer als zestig jaar samen. Dat je nu niet op bezoek kunt maakt het er allemaal niet gemakkelijker op.” Zo zegt Wout met veel emotie in zijn stem. Wout vervolgt. “Gelukkig hebben we veel steun van onze kinderen en hun partners. Ook hebben we een goede band met onze kleindochter. Ik sta er echt niet alleen voor. Ik doe mee aan een 'belcirkel'. Een tiental mensen, uit onze regio, die in het zelfde schuitje zitten als ik. We bellen elkaar regelmatig. Met een man uit Oosterhout zijn de gesprekken zo lang en prettig dat hij voorstelde om naar Gilze te komen om met mij te buurten. Ook krijg ik nogal eens bezoek van Kees Quirijnen waarmee ik mijn zangcarrière bij mannenkoor 1001 vorm gaf. Ook heb ik een goed contact met Piet van Engelen. Een fijne buurtgenoot. Piet is heel handig. Dus kleine klusjes die ik heb, laat ik graag aan hem over. Verder haalt Piet voor mij regelmatig sigaretten om zo mijn nicotineverslaving in stand te houden. Als de tijd het toelaat speel ik zo nu en dan een potje Rummikub met mijn hulp. Zo rond twaalf uur staat Frans Aarts weer voor de deur. Hij is maaltijdbezorger. Ook voor hem, en alle anderen, die dit doen heb ik veel bewondering.” Zo spreekt Wout over de fijne band, die hij heeft met de mensen die hem omgeven.

    We gaan weer eens even terug in de tijd. Wout woonde tot zijn tachtigste levensjaar in de Abdis van Thornstraat. Hij had daar een kruidenierswinkel aangevuld met lederwaren. Dit onder de naam De Kroon. Ook daar wil Wout ons vast iets over vertellen. Wout: “Ik heb daar samen met ons Wil, mijn vrouw,  een prachtige tijd beleefd. Aanvankelijk werd de zaak gerund door mijn pa. Toch werd ik niet uit de wind gehouden en moest ook mijn bijdrage leveren in de zaak. Geen probleem. Toen ik op zekere dag tegen hem zei, pa ik zou graag gaan voetballen. Ik kreeg als antwoord, “ge ga maar voetballen, jongen.” Na verloop van tijd vroeg hij, “hoe zit het eigenlijk met dat voetballen, is dat alle zaterdagen te doen?”  “Ja pa, ieder zaterdag.” “Na een keer of vier was 't gedaan met dat voetballen van Woutje Kock. Mijn droom, een topvoetballer te worden, werd wreed verstoord. Mijn voetbaltoekomst lag in duigen. Ik ging me, zoals mijn pa het wilde, meehelpen in onze kruidenierswinkel. Achteraf bezien maar goed ook. Pa kreeg op latere leeftijd verlammingsverschijnselen en werd invalide. Hij moest veel tijd op bed doorbrengen. Het kruideniersvak beviel me wel. Het was wel hard werken. Ik bracht ook boodschappen bij klanten thuis. Dat deed ik met een bakfiets. Daar fietste ik mee door Gilze. Maar ook ritjes in het buitengebied. Daar kreeg ik het echt van in mijn kuiten. Ook bij slecht weer was dat bepaald geen pretje. Ik werd dat op de duur een beetje zat. Ik wilde wel eens weten hoe zwaar mijn bakfiets, gevuld met kruidenierswaren, zou wegen. Daarvoor moest ik naar de Boerenbond die voor zulke klusjes een weegbrug hadden. De wijzer wees 475 kg aan. Dat ik zoveel moest verstouwen, daar schrok ik wel van. Er zal een auto moeten komen.” “Dat kan zo niet langer, Wout,” zei ik tegen mezelf. Rijinstructeur Jos van Bavel werd ingeschakeld om mij de kunstjes van het autorijden te leren. Dit had weer tot gevolg dat ik een 2CV bestelauto kocht. Ik voelde me als een koning zo rijk. Dat is nog eens wat anders dan een bakfiets. Daar kon ik tenminste bij de klanten mee aankomen.

    Jos Graafmans, die bij ons destijds de buitenboel aan het opschilderen was, die zag wel wat in die bakfiets. Ik zeg: “Jos als jij hier de buitenboel netjes opschildert dan is die bakfiets de jouwe.” “En zo gebeurde het, iedereen blij en tevreden. Tot slot over mijn kruidenierstijd. Het kwam nog wel eens voor dat mijn bestellingen wat 'krap aan' waren. Nooit kwam ik hierdoor in de problemen. Eén telefoontje naar Joan Hapers en hij hielp mij aan die artikelen waar ik even een tekort aan had. Hij was dan ook als eerste die ik liet weten dat ik ging stoppen. Dat was in 1990. Hij nam heel mijn voorraad en inboedel over. Een koelkast en snijmachine vonden hun weg naar een camping in Molenschot.” Zo herinnert Wout het einde van zijn werkzame leven.

    We hebben in het begin van ons bijkletspraatje Wout onze 'super supporter' genoemd. Waaruit blijkt dat dan?  Als Wout het fysiek enigszins kan opbrengen is hij bij uit en thuiswedstrijden, van Gilze 1, van de partij. Zelfs bekerwedstrijden, tot in de late avonduren, wilde Wout live meebeleven. Al was het in Veen of Werkendam. Wout was daar. Maar we laten Wout daarover zelf aan het woord. “Allereerst wil ik zeggen dat ik het voetbal kijken ontzettend mis. We waren zo goed op dreef met een jong en talentvol team. En dat allemaal met Gilse jongens. Mijn dorpsgenoten. Daar wil ik als voetballiefhebber bij zijn. Een kampioenschap leek zeker haalbaar. Maar dan na de uitwedstrijd in Bavel, geen wedstrijd meer. Jammer, jammer. Laten we hopen dat we het komend seizoen er weer vol voor kunnen gaan. Wat zou er mooier zijn dan een kampioenschap te behalen juist in het jaar dat de v.v.Gilze honderd jaar bestaat. 'Mannen het kan'.” Aldus het geloof van Wout.

    Wie zijn Wout zijn medesupporters zoal? Wout: “Luister, alle Gilse supporters zijn mijn medesupporters. De thuiswedstrijden kijk ik meestal met Toon Wouters. Toon komt uit Hilvarenbeek. Onze Kees, mijn overleden broer, woonde ook in Hilvarenbeek. Hij was een goeie maat van Toon. Met zijn drieën gingen wij regelmatig naar de thuiswedstrijden van Willem II. Toen dat uitje wegviel stelde Toon voor om met mij naar Gilze 1 te gaan kijken. Ik vond dat een prachtig gebaar wat ik dan ook erg waardeerde. We hebben onze vast plek naast de dug-out van Gilze. Voordat Jeremy Buchly plaats neemt in de dug-out geeft hij ons een hand en maakt soms een kort praatje. Dat doet goed. Zo beleef ik dat toch. Als het enigszins kan ga ik ook naar de uitwedstrijden. Ik bel Martijn Roovers met de vraag of hij nog een plekje heeft in zijn auto. Om klokslag 13.45 staat Martijn voor de deur. Ik stap in en Martijn propt net zolang dat ook mijn rollator mee op reis kan. Natuurlijk wil ik Martijn voor die bewezen diensten betalen. Maar dan begint hij te dreigen. “Als je je portemonnee opentrekt is het de laatste keer geweest, Wout. Je moet het zelf maar weten.” “Als ik dan toch ga betalen, dan is mij de prijs te hoog.” Zo zegt Wout met een lach.

    Wout vervolgt. “Met mijn dochter ben ik een keer naar een bijeenkomst van Willem II Football Memories geweest. Samen met leeftijdsgenoten herinneringen ophalen over Willem II en zijn geschiedenis. Er zijn fotoalbums te bekijken maar ook zijn er oud-spelers aanwezig voor een gezellig praatje. Dit allemaal onder het genot van een kopje koffie en een bezoek aan het 'Willem II museum'. Graag wil ik hier in de toekomst nog eens met haar naar toe. Nu krijg ik weleens een kaartje van 'Willem п Football Memories'. De laatste keer met de volgende tekst., die ik graag wil delen.”

    Beste mijnheer Kock.
    Hoogste tijd voor weer een kaartje. Dit keer een hele mooie. Speciaal voor in de huiskamer of op een ander mooi plekje. Wij hopen dat alles nog steeds goed met u gaat. Oh, oh, oh, wat missen we onze football memories bijeenkomsten en ons mooie stadion. Maar we moeten nog even volhouden. Blijf gezond en hou goede moed. Heel veel hartelijke groeten namens iedereen van Willem II.
    Arjan en Suzanne  namens Willem II Football Memories.

    Wout heeft deze grote en mooie kaart niet zo maar op 'n stapel gelegd. Maar zoals gevraagd een mooi plekje gegeven. Wout wil nog even toevoegen. “Het was altijd al zo. Met het ouder worden geldt dat meer en meer, het zijn echt de kleine dingen die het doen. Zoals dat kaartje en de bos bloemen die ik van Nicolette kreeg. Zij is eigenaresse van een zorgboerderij 'De Schelft' in Riel. Waar ik enkele dagen per week naar toe ga. Ook al ben je oud. Je wilt er nog bijhoren. Zoals ik dat ook voel bij de v.v.Gilze. Ook ik ben trots op mijn club. Laten we hopen dat geen enkele crisis het vieren van het honderdjarig bestaan in de weg zal staan. En zo besluiten we ons onderhoudende kletspraatje met Wout. Onze zeer geliefde supporter. Dat plaatsvond in een gezellige en gemoedelijke Gilse sfeer. Wout bedankt. 

    Dochter Kitty vult aan met de navolgende tekst.
    Op 5 mei is Wil overleden. We missen haar allemaal erg maar we zijn dankbaar dat een langer lijden haar bespaard is gebleven. En Wout is, vlak hierna, verhuisd naar een zorgappartement bij Franciscus. Het zijn allemaal veel veranderingen binnen een korte tijd. Daarnaast zijn er ook nog de beperkingen die overal gelden als gevolg van het Corona virus. Maar wij als familie zijn vooral erg blij dat mijn vader in zijn geliefde Gilze kan blijven wonen, tussen de mensen die hij soms al jaren kent. Zijn draai zal hij heus binnenkort wel vinden!

    Verder zal ik vast mensen vergeten hebben die me geregeld helpen of een gezellig praatje met me maken, met veel dank daarvoor.

    Red. Jos van Dongen